Nieuws
Beleggingsverzekeringen (4e pijler)
De impact van de begroting op de beleggingsverzekeringen is nihil. Dat is goed nieuws. Er wijzigt niets voor wat betreft het toepassingsgebied en de vrijstelling van roerende voorheffing; dit in tegenstelling tot andere beleggingsproducten.
(Vrijstelling van TAK 23-polissen, uitkeringen bij overlijden, polissen met een duur van meer dan 8 jaar en polissen met een overlijdensdekking van minstens 130% van de gestorte premies).
Fiscaliteit bij uitkering van uw aanvullend pensioen
Bij uitkering van de kapitalen in 2de pijler, wijzigen de belastingvoeten voor de kapitalen die opgebouwd zijn door werkgeversbijdragen:
o 20% bij uitkering op 60 jaar
o 18% bij uitkering op 61 jaar
o 16,5% bij uitkering op 62 tot 64 jaar
o 10% bij uitkering op 65 jaar
(ter informatie: de huidige percentages bedragen 16,5% op 60 tot 64 jaar, en 10% op 65 jaar.)
De belastingverminderingen op de 2de en 3de pijler, die momenteel berekend worden op basis van een bijzondere gemiddelde aanslagvoet, zullen voortaan op basis van een percentage van 30% voor alle belastingplichtigen worden berekend, ongeacht het inkomen. Het gaat hier bijvoorbeeld om de betalingen
voor pensioensparen en levensverzekeringen, maar ook de werknemersbijdragen voor een aanvullend ondernemingspensioen (bv. groepsverzekering). Voor iedereen geldt m.a.w. hetzelfde vlakke tarief van 30%, waar voorheen gekeken werd naar de verbeterde gemiddelde aanslagvoet tussen 30% en 40% om de belastingvermindering te berekenen.
Premieaftrek bij aanvullend pensioen voor groepsverzekering/IPT/VAPZ
Er zou een maximum loonplafond geïntroduceerd worden, geïnspireerd op de berekening van het maximale ambtenarenpensioen (circa 6.000 eur per maand). De bijdragen die gestort worden in 2depijler-contracten zullen dus voortaan maar fiscaal aftrekbaar zijn, in het kader van de 80%-regel, indien ze recht geven op een aanvullend pensioen dat, bij het wettelijk pensioen samengevoegd, het niveau van het hoogste overheidspensioen niet overschrijdt.
De 80%-regel moet m.a.w. niet enkel getoetst worden aan de werkelijke bezoldiging, maar ook aan het hoogste overheidspensioen. Hoe deze maatregel exact moet geïnterpreteerd worden (wat is het hoogste overheidspensioen?), is voorlopig nog niet duidelijk.
Zoals wij reeds voorspelden zal de 80%-regel ook geëvalueerd worden met het oog op een opbouw van het aanvullend pensioen gespreid over de carrière, in plaats van fikse premiestortingen ('backservice', koopsom) op het einde van de loopbaan.
Anderzijds gaan bepaalde voordelen (firmawagen, woning, elektriciteit, ...) forfaitair hoger worden ingeschat, waardoor deze bezoldigingscomponenten ook zwaarder kunnen doorwegen in de 80%-berekening wat dus tot een hogere maximumpremie kan leiden.
Interne pensioenfondsen niet langer toegelaten
In de toekomst zal het niet meer mogelijk zijn om interne pensioenprovisies aan te leggen voor bedrijfsleiders. Men zal voor de opbouw van een aanvullend pensioen steeds beroep moeten doen op een verzekeringsmaatschappij of een extern pensioenfonds. Dit moet gebeuren binnen een termijn van 3 jaar. Op de premies gestort in dit kader is dan ook een taks van 4,4% verschuldigd.
Op de provisies die worden overgebracht zal waarschijnlijk een 'gunsttarief' van toepassing zijn. Men spreekt van een taks van 1,75%.
De valstrik van de koppelverkoop
Wilt u bij uw bank een hypothcair krediet voor uw woning afsluiten? Dan bent u vaker dan u denkt onderworpen aan de koppelverkoop. Om een voordelige intrestvoet te compenseren zal uw bankier een ander financieel product (brand- of schuldsaldoverzekering) aan de lening koppelen. Is deze praktijk transparant? Bent u correct geïnformeerd over prijzen en voorwaarden? Lees meer over de valstrik van de koppelverkoop.
download de PDF
